fr | nl | en

Zoek

Nieuws

Column Jan Denys: Jan Denys vindt een verlaging van de minimumleeftijd voor brugpensioen totaal verkeerd

Jan Denys is het niet eens met het plan van de federale minister van Werk om de brugpensioenregeling nog te versoepelen: 'Milquet doet net het omgekeerde van wat ze zou moeten doen.'

Dat er in het kader van de herstructurering van Opel een beroep zou worden gedaan op het systeem van brugpensioen is uiteraard geen verrassing. Zolang het systeem bestaat, zullen bedrijven er in diverse vormen gebruik van maken. Sociale partners zullen, zolang het systeem bestaat, elkaar de verantwoordelijkheid hiervoor blijven toeschuiven.

Vakbonden laten niet na op te merken dat het uiteindelijk altijd de werkgever is die de werknemer moet ontslaan. Ze vertellen er niet bij dat ze heel dikwijls de werkgever zwaar onder druk zetten om over te gaan tot ontslag, zodat de betrokken werknemer kan 'genieten' van het brugpensioen.

Omgekeerd schuiven ook werkgevers graag de verantwoordelijkheid af op de vakbonden om zich te ontdoen van 50-plussers. De collectieve verontwaardiging is dus gedeeltelijk hypocriet. Wie dit soort toestanden wil vermijden, moet het brugpensioen als systeem gewoon afschaffen, iets wat de meeste landen trouwens al hebben gedaan.

Nieuwe vacatures

Dat de huidige minister van Werk, Joelle Milquet, het nodig vond om onder de huidige omstandigheden op de arbeidsmarkt de minimumleeftijd nog eens van 52 naar 50 jaar te verlagen, omdat daardoor veel meer arbeiders in het systeem kunnen stappen, is echter wel een duidelijk verkeerd signaal.

Hoewel de vakbonden het regelmatig anders hebben laten uitschijnen, is de arbeidsmarkt sinds het uitbreken van de crisis nooit helemaal opgedroogd. Zelfs op het dieptepunt kreeg de VDAB nog 15.000 nieuwe vacatures per maand binnen en stonden er minstens 32.000 banen open.

Het dieptepunt van de crisis op de arbeidsmarkt is intussen alweer een hele tijd voorbij. Sinds november vorig jaar is het aantal openstaande vacatures bij de VDAB opnieuw aan het stijgen. Het aantal beschikbare werkzoekenden per openstaande vacature ligt op dit ogenblik alweer onder de vijf. Als de economie nog wat aantrekt, kunnen we zeer gemakkelijk voorspellen dat de arbeidsmarkt in Vlaanderen met een enorme schaarste zal geconfronteerd worden.

Deze informatie is bij onze beleidsmakers zeker bekend. Dat ze er in deze omstandigheden toch voor kiezen om de deur van het brugpensioen helemaal open te zetten, is gewoon hallucinant. Blijkbaar willen sommigen, nu het nog kan, de achterban voor de laatste keer royaal bedienen. Milquet doet dus net het omgekeerde van wat ze zou moeten doen.

Tegenover de steeds meer oprukkende schaarste is slechts één oplossing mogelijk. We moeten de beschikbare pool aan arbeidskrachten sterk vergroten. Dit is een heel moeilijke opdracht. Zelfs indien alle werklozen een baan zouden vinden (sowieso een onmogelijke opdracht) zou Vlaanderen de werkzaamheidsnorm van 70 procent niet halen. Dit kan enkel als ook niet-actieven (zij die niet werken maar ook niet ingeschreven zijn bij de VDAB) naar de arbeidsmarkt kunnen worden gehaald. In dergelijke constellatie is elk beleid dat erop neerkomt het aanbod op de arbeidsmarkt te verminderen, uiteraard een slechte zaak.

Activering

In een commentaar op het brugpensioenakkoord bij Opel anticipeerde de minister op de maatschappelijke kritiek door aan te geven dat de betrokken werknemers beschikbaar blijven voor de arbeidsmarkt. Zoals reeds in een vroeger opiniestuk aangegeven blijft dit onderdeel van het Generatiepact grotendeels dode letter. In de praktijk is er, van zodra werknemers in het statuut zitten, geen activering meer. Het is pas recentelijk dat in Vlaanderen is beslist de activering uit te breiden tot de leeftijd van 52 jaar. Dat betekent dat minstens een deel van de betrokken werknemers nu al in aanmerking komen voor activering. Onze stelling is dat als deze activering feitelijk wordt uitgevoerd, de appetijt van vakbonden en werknemers om voor het brugpensioen te kiezen als vroegtijdige uitstroomroute snel zal doen afnemen. Wie tijdens de activering een gepast jobaanbod weigert, kan namelijk door de RVA geschorst worden.

De Vlaamse minister van Werk, Philippe Muyters, kan dus binnen de huidige bevoegdheidsverdeling reeds perfect zijn rol spelen. Hij kan er niet alleen voor zorgen dat de activering feitelijk plaatsvindt. Hij kan bovendien maatregelen nemen om de grensleeftijd van 52 gradueel te verhogen. Als we rekening houden met de heel lage werkzaamheidsgraad van 55-plussers is het niet meer dan logisch dat die leeftijd een stuk boven de 55 moet gaan liggen. Ook de werkgeversfederaties Unizo en Voka kunnen in deze perfect hun rol spelen. Van zodra deze activering een feit is, zal snel duidelijk worden of het inderdaad een mission impossible is om werkloze 50-plussers opnieuw naar een baan te begeleiden zoals sommigen beweren. Indien dit zo is, moeten de betrokkenen niets vrezen want dan zal er geen sprake zijn van een geschikt jobaanbod.

Misschien staat Opel op termijn wel voor een kantelmoment in de Vlaamse arbeidsmarktgeschiedenis. Het moment waarbij het brugpensioen voor het eerst geen synoniem meer was van een definitief vervroegd vertrek uit de formele arbeidsmarkt.

Jan Denys is arbeidsmarktdeskundige bij Randstad.
 
Bron : De Morgen, 14-07-2010
 

Outplacementbegeleiding succesvol in tijden van crisis - 24/11/2009

Galilei, een dochtermaatschappij van de Groep Randstad en marktleider in België in het domein van outplacement noteerde voor 2008 en 2009 een sterke stijging van het aantal outplacementprogramma’s. Het aantal outplacementbegeleidingen sinds 1 jaar is nog forser gestegen mede als gevolg van de economische crisis. Bij Galilei is het aantal individuele en collectieve begeleidingen in 2008 met 35% gestegen ten opzichte van 2007. Van september 2008 tot september 2009 is er zelfs sprake van een stijging met 57%. Voor dit jaar zullen meer dan 4 000 personen een outplacementprogramma bij Galilei gevolgd hebben. Overigens blijkt dat het aantal personen dat opnieuw werk vond of een nieuwe activiteit opstartte in het kader van een outplacementbegeleiding sinds één jaar gedaald is. Toch stelde men vast dat de begeleide ex-werknemers er, ondanks de crisis, niet langer over doen om opnieuw een job te vinden. De cijfers liggen immers in de lijn van de voorbije jaren.

Op maat gesneden

Ongeveer de helft van de programma’s heeft betrekking op individueel outplacement. Galilei noteert in verhouding tot 2008 een stijging met 38% van het aantal individuele outplacementprogramma’s dat in 2009 is opgestart. Het aantal collectieve begeleidingen is zelfs met 80% toegenomen t.o.v. 2008. Deze ongekende stijging heeft ongetwijfeld te maken met de herstructureringen in talrijke bedrijven in Vlaanderen. Pascale Bastin, directeur bij Galilei: "Individueel outplacement heeft zijn efficiëntie ruim bewezen. Het plaatsingspercentage (d.w.z. het percentage begeleidde personen dat opnieuw werk vond in het kader van een outplacementprocedure) bedraagt in dit geval 64%. In vele gevallen vindt men ook sneller werk: gemiddeld 127 dagen in geval van individueel outplacement en 154 dagen bij collectief outplacement".

Drie keer zoveel bruggepensioneerden

Merkwaardig is wel dat het aantal bruggepensioneerden in één of andere vorm van outplacement begeleiding in één jaar tijd bijna verdriedubbeld is. Vele 50+’ers belanden toch nog in één of andere outplacementbegeleiding maar weinigen zijn echt gemotiveerd om een nieuwe baan te vinden. Vele kijken uit naar het brugpensioen. Het aantal bruggepensioneerden dat sinds één jaar werk heeft gevonden bedraagt 131, dit is 12% van het totaal. De overigen hebben voor pensionering gekozen.

Het aantal in Vlaanderen opgestarte outplacementprogramma’s is maar liefst met 73 % gestegen. De verklaring van deze spectaculaire toename is te vinden in de vele bedrijfsherstructureringen. In de Regio Brussel is het aantal outplacementprogramma’s met 35% toegenomen en in Wallonië met 30%. Outplacement is in het zuiden van het land nog niet zo ingeburgerd maar dat is stilaan aan het veranderen.

De crisis laat haar sporen na

Uit gegevens van Galilei blijkt dat het aantal personen dat opnieuw werk vond of een nieuwe activiteit opstartte in het kader van een outplacementbegeleiding sinds één jaar gedaald is. Van september 2007 tot september 2008 bedroeg de plaatsingsgraad (het percentage begeleidde personen dat opnieuw werk vond in het kader van een outplacementprogramma) 78%. Voor de periode van juni 2008 tot juni 2009 bedroeg deze plaatsingsgraad 70%. Van september 2008 (net voor de economische crisis) tot september 2009 zakte dit percentage tot 58%. De daling van de plaatsingsgraad is te wijten aan het feit dat bedrijven minder aanwerven. Markant feit is ook dat de gemiddelde leeftijd van personen die bij Galilei een outplacement begeleiding volgden in 4 jaar tijd van 41 tot 48 jaar opschoof.

Zelfde "landingstijd" als voor de crisis

Wat de gemiddelde "landingstijd" (het aantal dagen dat nodig is om opnieuw werk te vinden) in het kader van een outplacementprogramma betreft, die bedraagt momenteel 138 dagen (4,5 maanden). Uit cijfers van Galilei blijkt dat de begeleide ex-werknemers er niet langer over doen om opnieuw een job te vinden, de cijfers liggen immers in de lijn van de voorbije jaren. Interessant om te weten is hoe deze ontslagen ex-werknemers aan hun nieuwe job geraken. Via welk kanaal? Het is eigenlijk geen echte verrassing: networking (30%) blijft het kanaal bij uitstek voor het vinden van een nieuwe job. Nadien volgen de advertenties in de media (23%) en uitzendarbeid (18%).

Nieuwe diensten

Galilei stelt dat het belangrijk is te bouwen aan veerkracht in onzekere tijden. De rol van outplacementconsulenten evolueert meer en meer naar volwaardige jobcoaching en loopbaanhulp, volledig los van de specifieke begeleiding na een ontslag. Er is veel vraag naar nieuwe diensten. Opleidingen in het domein van veranderingsmanagement kennen een enorm succes en worden gestimuleerd. In 2008 volgden zo’n 800 personen de opleiding waarbij «de mens in de verandering» centraal staat. Die sessies zijn interessant voor iedereen. Actief verantwoordelijkheid nemen is voor betrokkene essentieel om in bewogen tijden te kunnen overleven. Communiceren, luisteren, motiveren, daar draait het allemaal om. Grote herstructureringen staan nog te gebeuren en daar komt op korte termijn nog geen verandering in. De werkloosheid zal nog tot midden 2011 toenemen. Wanneer de economie zich herpakt, zullen bedrijven echter weer massaal aanwerven. De structurele schaarste op de arbeidsmarkt zal weer toeslaan, we moeten ons daar vandaag al op voorbereiden en de nodige arbeidsreserves gereedhouden.

 

Position privilégiée auprès des banques luxembourgeoises - 29/05/2009

Galilei Luxembourg a remporté un contrat important avec l'Association des Banques de Luxembourg. Il consiste à offrir un programme d'accompagnement professionnel à toute personne qui serait licenciée pour raison économique par une de ces institutions financières. Ce programme est supporté financièrement par le ministère du Travail. Ce contrat offre à Galilei une visibilité importante sur le marché et, de ce fait, des introductions privilégiées auprès de toutes les banques Luxembourgeoises.

 

Al met 8.000 in outplacement, De Standaard - 24/6/2008
 
Iets meer dan 8.000 Belgische werknemers hebben vorig jaar na hun ontslag outplacementhulp gekregen bij het zoeken naar een nieuwe baan. Dat waren er dubbel zoveel als in 2006. Dit jaar staat de teller al bijna op 7.000. Na vijf maanden heeft 80 procent een nieuwe baan gevonden.

Tot nog toe was er voor de outplacementkantoren maar een kleine rol weggelegd op de Belgische arbeidsmarkt. In 2005 bijvoorbeeld kregen amper 2.800 ontslagen werknemers een gespecialiseerde outplacementbegeleiding aangeboden. Maar sinds vorig jaar is de trend omgeslagen en doen steeds meer Belgische bedrijven een beroep op outplacementkantoren om hun ex-werknemers op weg te helpen naar een nieuwe baan. Volgens cijfers van de beroepsfederatie Federgon ging het aantal ontslagen werknemers dat een outplacementprogramma volgt, vorig jaar met 72 procent omhoog, tot 8.067. Vooral het toenemend gebruik van (her)tewerkstellingscellen bij grote en kleine bedrijfsherstructureringen en het verplicht aanbieden van outplacementhulp aan alle ontslagen 45-plussers zijn daarvoor verantwoordelijk. In totaal 3.454 ontslagen 45-plussers kregen in 2007 begeleiding bij het solliciteren. Dat waren er meer dan het dubbele van het jaar voordien. De grote toename van het outplacement is deels te verklaren door de herstructureringen bij de autobouwers VW Vorst en Opel Antwerpen. Maar het gaat niet enkel om die dossiers alleen, zegt Federgon. 'De trend zet dit jaar onverminderd door. Tot en met mei hebben we al weet van 6.675 nieuwe outplacementdossiers.' Volgens Francois Van Vyve, bedrijfsleider van Galilei-Randstad en voorzitter bij Federgon, is de mentaliteit over jobcoaching in Vlaanderen 'veel opener' dan in Wallonië. 'In Vlaanderen wordt de meerwaarde van outplacement nu overal aanvaard. In Wallonië blijven sommige vakbondsleiders verzet plegen.' Van Vyve wijst de critici op de feiten. 'Na een begeleidingsperiode van gemiddeld 4 à 5 maanden heeft 80 procent van de betrokkenen een kwalitatief waardevolle nieuwe baan gevonden. Bovendien is outplacement geen exclusieve zaak meer, voorbehouden voor (hoge) kaderleden. Twee derde van de geholpen werknemers bij collectieve outplacementdossiers zijn arbeiders. En bij de 45-plussers gaat het voor de helft over bedienden.' Federgon betreurt dat 'sommige bedrijven' liever een boete betalen dan de verplichte outplacementhulp voor 45-plussers. 'Die boete werd vorig jaar in een akkoord tussen vakbonden en werkgevers verlaagd van 3.600 naar 1.800 euro. Dat is minder dan de gemiddelde kostprijs van een outplacement. Dat was een verkeerd signaal.'

 

L'outplace-man, La Libre Belgique - 07/04/2008

François Van Vyve. Président de Federgon Outplacement, le patron de Galilei est un des pionniers du métier en Belgique. Et il souhaite encore relever bien des défis. "C'est une grande chance d'exercer ce beau métier qui privilégie le contact humain dans un monde de l'entreprise qui s'est fortement durci." Et pourtant, François Van Vyve se destinait au départ à une tout autre carrière. Après des études de droit et un postgraduat à Solvay, il fait ses premiers pas dans l'assurance maritime, chez Thilly van Essel, à Anvers. "C'était un marché très dynamique à l'époque. Mais la Belgique a peu à peu perdu son influence au profit de Londres et New York." Il y passera huit ans.

Son rôle plutôt commercial l'amène souvent aux Etats-Unis où il découvre un concept assez neuf : l'outplacement, soit un ensemble de services et de conseils qui ont pour but de permettre à un travailleur de faire le meilleur choix de carrière dans les meilleurs délais et conditions possibles. "Il existait depuis quelques années là-bas, mais était tout récent en Europe. On m'a proposé d'ouvrir à Bruxelles un bureau pour le groupe Right. J'ai accepté."

Le 1er janvier 1987, le bureau bruxellois est ouvert. "Nous étions un peu des pionniers. Il y avait déjà quelques acteurs mais très peu. Il fallait non seulement vendre le service, mais aussi le concept."

Et ce nouveau service répondait à un besoin. "C'était l'époque des grandes réorganisations et des vagues de licenciements. Les entreprises étaient soucieuses de faire un peu plus que d'indemniser les gens qui étaient licenciés. Elles veillaient aussi à ce que leur image d'employeur responsable soit sauvegardée. Aux Etats-Unis, le concept était né plus tôt, car les grandes entreprises, comme Procter ou IBM, avaient encore plus le souci de faire quelque chose, car les indemnités de licenciement étaient faibles."

En juin 2002, Right fusionne avec le cabinet anglais Coutts. "Ce fut pour moi l'occasion de prendre un peu de distance. J'ai pris un mois pour réfléchir. Ce fut très productif. Pendant toutes ces années, j'avais accompagné des gens dans leurs réflexions sur leur carrière. Cette fois-ci, je l'ai fait pour moi. Je me suis aussi rendu compte que d'autres collègues voulaient également un peu prendre leurs distances."

C'est à ce moment que naît l'idée de créer à plusieurs une nouvelle entité : Galilei. "Ce furent sans doute les plus belles années pour beaucoup d'entre nous : nous restions actifs dans un métier passionnant que nous vivions avec nos tripes, avec en plus un côté entrepreneurial. Nous partions sur de nouvelles bases et pouvions gommer des choses que nous faisions peut-être moins bien par habitude. Nous avons mis en valeur l'outil de gestion de l'information et avons proposé des formules nouvelles pour dynamiser l'approche. Le but est d'aller plus loin dans le détail."

Depuis janvier 2006, Galilei fait partie de Randstad. "C'est un mariage heureux. Nous nous sommes vraiment trouvés culturellement, avec une approche novatrice pour élargir l'outplacement à un plus grand nombre de personnes."

Pionnier de l'outplacement en Belgique, François Van Vyve est aussi à l'origine de l'association professionnelle des cabinets d'outplacement, aujourd'hui Federgon Outplacement - une des 7 branches de Federgon -, dont il est le président depuis l'été 2007. Il est également à la base du code de déontologie. "Avant la première convention collective de travail de 92 qui définissait l'outplacement dans un cadre légal, il a fallu s'organiser et s'autoréguler."

S'il a accepté cette présidence, c'est parce qu'il croit que le "métier est en pleine évolution. On peut encore aller plus loin. Nous pouvons davantage communiquer pour démontrer toute la valeur ajoutée du concept. Un Livre blanc est en préparation. Un de nos défis est de faire en sorte que l'outplacement devienne une évidence pour tous".

 

François Van Vyve (Galilei-Randstad) verkozen tot Voorzitter van Federgon Outplacement

De leden van de Algemene Vergadering van Federgon Outplacement hebben de Heer François Van Vyve (Galilei-Randstad) verkozen tot Voorzitter van Federgon Outplacement. Federgon Outplacement is het departement van Federgon dat de outplacementbureaus vertegenwoordigt. Het departement telt op dit ogenblik 26 leden.

François Van Vyve is Directeur bij Galilei -Randstad. Hij heeft meer dan 20 jaar ervaring inzake outplacement en carrièrebegeleiding. Hij is een pionier van het concept in België, startte één van de eerste concrete initiatieven ter zake, en speelde een hoofdrol in de sector als mede - oprichter van de Beroepsvereniging en als grondlegger van haar ethische code.

Van 2003 tot 2006 was François Van Vyve Voorzitter van ACF (Association of Career Firms). Deze beroepsvereniging werd gesticht in 1982 en vertegenwoordigt de ondernemingen die actief zijn inzake carrièrebegeleiding en outplacement.